benelux tennis

Regelboek

Spelregels & Disciplines

Een overzicht van de officiële tennisregels, het puntensysteem en de verschillende spelvormen die in de Benelux worden beoefend.

Puntentelling

  • 01

    Een game bestaat uit vier punten: 15, 30, 40 en game. Bij een gelijkstand van 40-40, ook wel "deuce" genoemd, zijn twee opeenvolgende punten vereist om de game te winnen.

  • 02

    Een set wordt gewonnen door de speler die als eerste zes games wint met een minimale voorsprong van twee games. Bij 6-6 volgt in de meeste gevallen een tiebreak.

  • 03

    Een tiebreak wordt gespeeld tot zeven punten, met een minimaal verschil van twee punten. In de tiebreak tellen punten als 1, 2, 3, enzovoort.

  • 04

    Een wedstrijd bestaat uit twee of drie gewonnen sets, afhankelijk van het toernooisformaat. Vrouwen en jeugd spelen doorgaans twee sets, mannen in Grand Slams spelen drie gewonnen sets.

Het Veld

  • 05

    Een tennisbaan is 23,77 meter lang en 8,23 meter breed voor enkelspel. Voor dubbelspel is de breedte 10,97 meter, door de buitenste zijstroken te benutten.

  • 06

    Het net staat in het midden van de baan op een hoogte van 91,4 centimeter bij de palen en 91,4 centimeter met een doorbuiging tot 91,4 centimeter in het midden. Feitelijk is de middenhoogte 91,4 centimeter.

  • 07

    De servicevakken bevinden zich aan weerskanten van het net en zijn elk 6,4 meter lang en 4,1 meter breed. De opslag moet in het diagonaal tegenovergestelde servicevak vallen.

De Opslag

  • 08

    De server heeft per punt twee kansen: een eerste en een tweede opslag. Een fout op de eerste opslag leidt tot een tweede poging. Een tweede opslag die eveneens fout is, resulteert in een dubbelfout en een punt voor de tegenstander.

  • 09

    Bij het opgooien van de bal mag de server beide voeten niet over de basislijn of buiten de breedte van het verlengde van de middenlijn bewegen totdat het contact met de bal plaatsvindt.

  • 10

    Een let bij de opslag telt niet mee als een misslag. Een let wordt geroepen wanneer de bal het net raakt maar toch in het juiste servicevak terechtkomt. De opslag wordt dan overgedaan.

Spelverloop

  • 11

    Een bal is out als hij buiten de lijnen van het speelveld valt, waarbij de lijn zelf als in beschouwt wordt. Een bal die precies de lijn raakt, is goed.

  • 12

    Een speler verliest een punt wanneer de bal zijn eigen korf tweemaal raakt, wanneer hij de bal raakt terwijl die nog in het veld van de tegenstander is, of wanneer hij het net aanraakt tijdens het spel.

  • 13

    Tussen games is er een pauze van negentig seconden. Bij het wisselen van zijde na de eerste game van elke set en elke volgende twee games is de pauze maximaal negentig seconden.

  • 14

    Een medische time-out van drie minuten is toegestaan per speler per wedstrijd voor behandeling van een specifieke blessure. Een algemene vermoeidheidsklacht geeft geen recht op een medische time-out.

Disciplines

  • 15

    Enkelspel: één speler tegen één tegenstander op het volledige enkelspeelveld. Dit is de meest voorkomende en bekende tennisdiscipline, gespeeld op zowel recreatief als professioneel niveau.

  • 16

    Dubbelspel: twee spelers tegen twee tegenstanders. Het volledige baan inclusief de buitenste zijstroken is in gebruik. Dubbelspel vraagt andere tactische vaardigheden en sterkere communicatie tussen partners.

  • 17

    Gemengd dubbelspel: een man en een vrouw spelen samen tegen een soortgelijk koppel. Dit format is populair bij recreatiespelers en wordt ook op Grand Slam-niveau gespeeld.

  • 18

    Jeugdtennis kent aangepaste regels voor de jongste leeftijdsgroepen: kleinere banen, lager net, langzamere ballen en kortere sets. Dit vergemakkelijkt het leren en vergroot het plezier in een vroeg stadium.

Klaar om te spelen?

Verdiep je in techniek of lees onze nieuwste artikelen.